003 Asad Haider – Mistaken Identity

Uncategorized
Identiteit = miskenning?

Dit boek is een goede, compacte kritiek op identiteitspolitiek. Nu niet meteen steigeren: Asad Haider is geen apathische, witte man die miskent dat anderen, die niet helemaal voldoen aan de universele, algemene, neutrale standaard die witte mannen voor zichzelf stellen, weleens andere ervaringen zouden kunnen hebben. Eerder is zijn boek een poging terug te grijpen op een revolutionaire traditie van identiteitspolitiek, die hij herleidt tot het socialistische Combahee River Collective. In het neoliberale, gedepolitiseerde heden, waarin pessimisme, separatisme en louter performatieve identiteitspolitiek de plek hebben ingenomen van een radicale kritiek van de status quo, is zo’n hersteloperatie hoogst noodzakelijk. Identiteitspolitiek zoals die nu bedreven wordt is de status quo, zo stelt Haider: het is een individualistische methode, perfect verenigbaar met de liberale manier waarop we over het subject nadenken, waarin alleen we aanspraak kunnen maken op rechten en politiek handelen door onszelf op te stellen als individuen die gegriefd zijn door het leven in een land waarin je niet helemaal voor vol wordt aangezien. Haider beklemtoont dat deze grieven terecht zijn, maar merkt terecht op dat ze niet kunnen worden verholpen door opname in de kapitalistische status quo. Ras is een ideologie die van meet af aan diende om de arbeidersklasse, bestaande uit witte en zwarte subjecten, verenigd tegen een gedeelde, kapitalistische vijand, uit elkaar te spelen. Racisme is het product van deze rassenideologie, niet andersom. En het is, helaas, een geslaagd product. Maar dat komt niet door inherente, individuele witte privileges, waarvan witte mensen zich nu eindelijk bewust moeten worden. Het komt door kapitalistische, imperialistische elites die er belang bij hebben als onderdrukking gezien wordt als een psychologisch feit, in plaats van een structureel mechanisme.

Haider schetst in zijn boek achtereenvolgens hoe, vanaf eind jaren zeventig, begin jaren tachtig, de erfenis van deze revolutionaire traditie van identiteitspolitiek opgesplitst raakte, verkruimelde en gecoöpteerd kon worden. Bewegingen waarin coalities werden gebouwd, waarin racisme werd verbonden met kapitalisme en imperialisme, werden uit elkaar gedreven. Deels met geweld – denk aan de moord op Malcolm X, Fred Hampton en Martin Luther King – maar ook door een verandering van politieke strategie: in plaats van coalities te bouwen die over identiteiten heen reikten, vond er een terugkeer plaats naar een culturele, nationalistische idee om de zwarte gemeenschap bij een te brengen op grond van huidskleur.

Hoewel dit een emancipatoire werking had, maakte deze herijking het ook mogelijk om machts en klasseverschillen tussen zwarte mensen uit te wissen en de contradicties van het kapitalisme die ze veroorzaken te verdoezelen, en dit paradoxaal genoeg juist door de successen van de burgerrechtenbeweging die ervoor zorgden dat zwarte mensen steeds minder discriminatie ondervonden en sociale mobiliteit binnen handbereik kwam. Het ontstaan van een multiraciale elite, bemiddeld en met liberale, pluralistische waarden, haalde de angel uit de meer militante acties van de burgerrechtenbeweging omdat ze resultaten boekte binnen de bestaande instituties en structuren. Zo bleef het verdeelmechanisme in stand, en herhaalde zich binnen de zwarte gemeenschap wat zich eerder tussen zwarte en witte mensen had voltrokken: een fataal wegvallen van solidariteit, ondanks gedeelde belangen, door materiële condities aan het zicht te onttrekken en een psychologische, morele, individualistische schuld in het debat te injecteren. De massabewegingen kalfden af, ook om andere redenen, en de neoliberale individualisering van de jaren tachtig deed de rest: identiteitspolitiek en culturele representatie, waarin het draait om de authenticiteit van het zelf, verdrongen organisatie en directe actie als middelen voor politiek handelen, en een idee van persoonlijke verantwoordelijkheid nestelde zich in het discours.

Haiders analyse is belangrijk. Hij komt duidelijk uit een marxistische, universalistische traditie, maar is zeker niet als reductionistisch weg te zetten, als een gemakzuchtig pleidooi om klasse centraal te stellen ten koste van identiteit. Eerder plaatst hij gender (een categorie die hij trouwens onbehandeld laat, omdat ze een fundamenteel andere analyse vergt, waarvoor hij Judith Butlers Gender Trouble aanraadt) en ras binnen klasse, niet als subjectieve ervaringen, maar als materiële effecten van kapitalistische structuren. Hij fileert de idealistische poging om één categorie, of het nu sekse, klasse of ras is, te isoleren van haar materiële inbedding in de wereld, in geschiedenis, in concrete ervaringen. Die drie-eenheid, met intersectionaliteit als heilige graal, dient vaak vooral een instrumenteel belang. Van een term met een specifieke, juridische connotatie en toepassing is ze een lakmoesproef geworden voor de correcte manier van analyseren, zonder de inhoud in aanmerking te nemen.

Onlangs nog kwam ik hiervan een voorbeeld tegen. Enkele weken terug bracht Dipsaus, een podcast gemaakt door vrouwen van kleur, een aflevering uit waarin de serie The Handmaid’s Tale, naar het gelijknamige boek van Margaret Atwood, werd gekastijd om de gebrekkige representatie en analyse van ras. Ewald Engelen, tot ergernis toe bekend om zijn kritiek op identiteitspolitiek, reageerde op Twitter met de opmerking dat klasse er anders ook bekaaid van af kwam, wat weggewuifd werd met een definitie van intersectionaliteit: klasse, sekse en ras snijden elkaar, zonder verdere toelichting. Dat is natuurlijk waar, maar evengoed was het zo dat klasse als categorie in de analyse van Dipsaus geheel ontbrak, en dus had Engelen, ondanks zijn grove uithaal, ook wel een punt hier. Deze korte uitwisseling demonstreert precies het gevaar dat Haider ontleedt: de reductie van politiek tot miskende identiteit. Mistaken Identity verschaft de instrumenten om zowel zulk idealisme als het even improductieve klassereductionisme van Engelen te bekritiseren.

001 Ali Smith – Winter

Uncategorized
Covers
Herfst en winter.

Deel twee in het seasonal quartet van Ali Smith, in 2017 aangevangen met Autumn. Een van mijn favoriete romanschrijvers van dit moment. Dit is een echt boek voor het seizoen, het begint op kerstavond en eindigt op Boxing Day. Familieleden komen bij elkaar, politieke scheidslijnen openbaren zich en wonden worden opengereten, dit alles tegen de achtergrond van recente Britse verwarring. Nostalgie en hoe verder. Het idee om een romancyclus over de seizoenen te schrijven is zo simpel, te simpel denk je eigenlijk. Maar het wordt ontzettend goed uitgevoerd. Of Smith komt ermee weg? Ze herhaalt het trucje en frustreert het, zodat ze wel een soort roman over geïsoleerde mensen in een desintegrerende samenleving oproept maar iets anders schrijft, dat zich onder de woorden bevindt, dat nog geen genre heeft. Dit vind ik het knappe. Ze brengt landschappen in kaart, zowel natuurlijke, politieke, artistieke als mentale, en legt ze over elkaar. De stijl is zowel associatief als informeel, of informeel als associatief, en zit vol alledaagse poëzie. Daar moet je tegen kunnen. Maar het is evenzogoed analytisch: zo krijg je nature writing dat geen nature writing is maar politiek commentaar en andersom. Sentimenteel maar ook echt wel sterk vaak. Haar personages lopen tenminste niet in een maatschappijloos vacuüm. Tijden worden in elkaar geschoven (het is niet zo eenvoudig als: winter is politieke verstarring, lente is politieke vernieuwing) en gedestabiliseerd, wat raakt aan de thema’s van het hele kwartet: Brexit, klimaatverandering, post-truth (post-everything, eigenlijk), intergenerationele dislocatie, migratie, en de noodzaak van nieuwe verhalen, verhalen die vanuit verbondenheid en niet vanuit scheiding vertrekken. Smith is niet cynisch. Ik bemerk bij mezelf dat ik haar louterende woorden wel lees, er zelfs behoefte aan heb, maar ze dan ook weer afwijs. ‘Darkness is cheap’, mottoot het boek bij monde van Charles Dickens (ding dong). Misschien ben ik gewoon de cynicus? Op naar de lente.